| |
Na meer dan 25 jaar bakkeleien
komt er eindelijk verandering in de berekening van huurprijzen voor woningen.
De huidige wet voor de huren van woningen dateert van 1 juli 1979 en
bevat een aantal onrechtvaardigheden. De actieve minister Sybilla Dekker
van Volkshuisvesting (Vrom) wil dit veranderen en zij gaat ook veel meer
woningen bouwen dan haar voorgangers. Moeten huurders die nieuwe regels
vrezen?
Er is geen land in West-Europa dat zoveel regels voor huurprijzen en huurbescherming
telt dan ons landje. Voor het toewijzen van huurwoningen, en soms ook koopwoningen,
kent ons landje ook evenzovele onbegrijpelijke regels en woonvergunningen.
Ondanks al die regels komen we, ook als enig Europees land, nog steeds
woning tekort. Deze minister gaat daaraan veel doen. Woningcorporaties
moeten gaan doen waarvoor zij – dankzij veel belastinggeld – zijn
opgericht en dat is woningen bouwen en verhuren. Ook particuliere beleggers,
pensioenfondsen en projectontwikkelaars moeten aan de bak. Gemeenten en
zeker de grote steden, moeten hun ouderwetse koudwatervrees voor duurdere
huurwoningen en koopwoningen eindelijk eens verlaten.
Er zullen meer huurwoningen komen waarvan de huurprijs vrij te bepalen
is in onderhandeling tussen de huurder en verhuurder. Dit kan betekenen
dat mensen die hoge inkomens genieten, niet meer kunnen wonen in een woning
met een lage huurprijs, omdat wij daarin belastinggeld hebben geïnvesteerd.
Dit zijn de zogenoemde scheefhuurders. Zij moeten gewoon een duurdere woning
huren of er een kopen. Daar kan niemand tegen zijn. Goedkope huurwoningen
en huursubsidie zijn namelijk bedoeld voor mensen die hoge huurprijzen
werkelijk niet kunnen ophoesten. Die duurdere huurwoningen heten ‘vrije
sectorwoningen’ te zijn.
|
|
Bij het berekenen van een maximale
huurprijs van een woning hanteert u de puntentelling. Waarbij de oppervlakte
van de woning en de voorzieningen een aantal punten geven, waarvan u
het totaal vermenigvuldigt met een huurbedrag per punt. Voor een kwart
van alle woningen verandert dit systeem. In het bijzonder het aantal
punten (maximaal 25) voor de ligging en woonomgeving zal vervallen. Voortaan
zal de waarde van de woning (volgens de WOZ: Wet waardering onroerende
zaken) daarvoor meetellen. Want het was toch te gek, dat een huurwoning
op een van de hoofdgrachten van Amsterdam minder punten kreeg dan iedere
andere woning in een saaie buitenwijk. Ook voor monumentenwoningen gelden
hogere huurprijzen, omdat de onderhouds- en restauratiekosten van die
panden vele malen hoger zijn dan voor normale woningen. De strijd die
daarover gevoerd wordt in Den Haag moet ook maar eens afgelopen zijn.
Voor paniek bij woninghuurders hoeft geen sprake te zijn. Deze minister
heeft namelijk in haar nieuwe plannen een overgangsperiode van vijf jaren
ingelast. En, indien huurders die huursubsidie ontvangen in moeilijkheden
komen door een hogere huur, krijgen zij dit gecompenseerd.
Tegenover al die hogere huren voor duurdere woningen staat voor de verhuurders
ook een verplichting. Zij moeten gewoon meer huur- en koopwoningen bouwen.
En dat is hoogtijd. Daarvoor is overigens wel nodig dat gemeenten en andere
overheden de bouwplannen snel en fatsoenlijk bespoedigen. Gemeenten moeten
nu echt vergeten dat de verkoop van bouwgrond of het in erfpacht uitgeven
van die bouwgrond, de nieuwe melkkoe wordt voor hun opgeblazen begrotingen.
Het is nog steeds bezuinigen geblazen: voor de regering, voor alle Nederlanders,
maar zeker voor gemeenten, provincies, waterschappen en andere instituten
waaraan wij meebetalen…….
|
|