ARTIKELEN UIT DE TELEGRAAF WOONKRANT

 
geplaatst 16/7/2003 nr 03410
Nieuw huurrecht (1): Met recht klussen
<< terug
  Per 1 augustus aanstaande treedt een aantal nieuwe huurregels voor woningen in werking. De belangrijkste wijziging voor woningen is het klusrecht en de oplevering van een huurwoning bij het einde van de huurperiode. Zoals gebruikelijk bij onze Haagse politici zijn de wetswijzigingen goed bedoeld, maar het wordt er voor ons niet duidelijker op. Ook deze wetswijzigingen zullen advocaten en rechters weer veel werk bezorgen.

Liefhebbers van wettelijke regels kunnen het klusrecht vinden in artikel 7: 215 van het Burgerlijk Wetboek (BW). Over dit klusrecht praatte men al langer. De woningcorporaties hadden hierover al een afspraak gemaakt met huurdersorganisaties. Huurders mogen voortaan zonder schriftelijke toestemming van verhuurder veranderingen aan de binnenkant van de woning aanbrengen. En dan alleen wijzigingen die men zonder noemenswaardige kosten bij het einde van de huur ongedaan kan maken. Denk hierbij aan het aanbrengen van een wandspiegel en dergelijke. Voor grotere wijzigingen aan de binnenzijde en alle door de huurder voorgenomen veranderingen aan de buitenzijde van de woning heeft huurder altijd (schriftelijke) toestemming van verhuurder nodig. Geeft de verhuurder geen toestemming binnen acht weken na het verzoek daartoe van de huurder. Dan kan de huurder een machtiging om deze veranderingen aan te brengen, vragen aan de kantonrechter. Verhuurder kan zijn toestemming alleen weigeren als de verbouwing van de huurder de verhuurbaarheid van de woning zal schaden of dat die verbouwing tot een waardedaling leidt. Weigert de verhuurder die toestemming, dan zal de kantonrechter het verzoek op basis van deze twee aspecten beoordelen. Krijgt de huurder toestemming voor zijn verbouwing, dan mag de verhuurder verlangen dat huurder die werkzaamheden deugdelijk uitvoert, eventueel door een erkende vakman. Ook moeten deze bouwkundige werkzaamheden voldoen aan gemeentelijke en andere eisen en niet tot overlast of hinder voor anderen leiden. In de praktijk zal moeten blijken welke verbouwingen door de wettelijke beugel van de kantonrechter kunnen en welke niet. Volgens mij was het beter geweest als al die dure heren en dames in De Haag duidelijker regels hadden opgesteld. Daarvoor hebben zij immers alle tijd.....

Als de verhuurder helemaal niet wil dat een huurder zonder toestemming wijzigingen kan aanbrengen aan de buitenzijde van de woning, moet hij dat verbod uitdrukkelijk in het huurcontract opnemen.

  Veel discussie ontstaat aan het einde van een huurperiode over de oplevering van de gehuurde woning, zie hiervoor artikelen BW 7: 216 en 224. Nieuw is dat u aan een schriftelijke beschrijving van de woning die behoort bij het huurcontract rechten kunt ontlenen. Een beschrijving eventueel met foto=s van de woning helpt zowel huurder als verhuurder bij de oplevering van de woning bij het einde van de huur. Want de zin dat de huurder de woning heeft aanvaard in goede staat, schiet in de praktijk schromelijk tekort. Nu ligt bij verhuurder de taak, in plaats van daarvoor bij huurder, om aan te tonen dat de woning in goede staat verkeerde op het moment dat de huurder de woning huurde. Met een beschrijvingsstaat van de woning en het bewaren van de schriftelijke toestemmingen voor verbouwingen moeten huurder en verhuurder in staat zijn de oplevering aan het einde van de huur vlekkeloos te laten verlopen. Dan moet de tijd voorbij zijn dat verhuurders zeuren dat bepaalde voorzieningen die de huurder aanbracht, verwijderd moeten worden door de huurder omdat de verhuurder tegen iedere prijs de woning in de originele staat terug wilde hebben. Nu hoeven kleine wijzigingen aan de woningen die niet nadelig zijn voor de verhuurbaarheid of tegen kleine kosten te verwijderen zijn, niet meer een oplevering dwars te zitten.

Wilt u meer informatie over de nieuwe huurregels per 1 augustus aanstaande, dan kunt u terecht bij Postbus 51, die voor het ministerie van Volkshuisvesting (VROM) de nieuwe brochures verzendt.

-einde-