ARTIKELEN UIT DE FINANCIELE TELEGRAAF

 

geplaatst 2 februari 2005

Belastend

<< terug
 

Een dezer weken ontvangen ook alle ondernemers een waardebeschikking in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (woz). Deze waardering is de basis of heffingsgrondslag voor een aantal belastingen en heffingen, van het rijk, gemeenten, en polder- en waterschappen. Daarom is het zeer de moeite waard om te controleren of de gemeente-taxateur uw pand te hoog waardeert.

Deze woz-beschikking gaat uit van de waarde per 1 januari 2003 en geldt voor 2005 en 2006. Daarna krijgt uw pand ieder jaar een waardering van de gemeentelijke belastingdienst. De woz-waarde wordt vooral gebruikt ten behoeve van de onroerende zaakbelasting (ozb), waarvan de tarieven in een aantal gemeenten volstrekt uit de hand lopen. Die gemeenten geven namelijk veel te veel geld uit, weigeren te bezuinigen en melken de lokale ozb-betalers uit om aan hun financieel gerief te komen. Nu de woz-waarden bijna algemeen geaccepteerd zijn, zult u merken dat overheden die getallen vaker gebruiken. Zeker als uw pand een rol speelt bij de inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting, in de toekomst wellicht bij de overdrachtsbelasting, successierecht en aanvragen hypotheekleningen. Dus reden te meer om deze waarderingen kritisch te bekijken.

Ik kan u nu al vertellen dat de bedragen die u op uw woz-beschikking en op uw ozb-aanslagen aantreft veel hoger zijn dan vier jaar geleden. Daarvoor zijn twee oorzaken. Tot en met de vorige waarde-beschikking taxeerde een aantal gemeenten nog laag om te voorkomen dat er veel bezwaarschriften binnen kwamen. Dit mag niet meer, dus heeft men die waarden daarop gecorrigeerd. Tevens pakken de gemeenten de waardestijging van het onroerend goed 1999 tot en met 2003 in een keer mee, terwijl de waardestijging vanaf 2003 best tegenvalt.

 

Bent u het echt niet eens met de woz-waarde van het pand, dat u huurt of in eigendom heeft, kunt u binnen zes weken na dagtekening van de beschikking bezwaar maken. Dit doet u bij de gemeente of de gemeentelijke belastingdienst. Krijgt u daar nul op het rekest – en dat gebeurt nog al vlot – kunt u naar de belastingkamer van een van de negentien rechtbanken. Dit is nieuw sinds 1 januari jongstleden, want daarvoor kon u slechts terecht bij de belastingkamer van een van de vijf gerechtshoven. Voor dat u zo ver bent, kunt u het best een uitgebreid taxatieverslag van de gemeente opvragen om zeker te weten dat een bezwaar daartegen succesvol is.

Procederen bij de belastingkamer van een rechtbank of zelfs bij een gerechtshof is tijd- en geldrovend. Daarom hebben veel gemeenten voor ondernemers de mogelijkheid van een vooroverleg. Daarbij wisselen ondernemers en de taxateurs van de gemeentelijke belastingdienst objectgegevens uit en proberen zo aansluiting te zoeken bij elkaars woz-waarderingen. Ik kan u uit eigen ervaring in Amsterdam melden dat dit vooroverleg zeer nuttig is en de resultaten daarvan vaak bevredigend zijn. Het scheelt in ieder geval dure procedures met advocaten/fiscalisten. Het ondernemerschap in dit landje is immers al belastend genoeg.