| |
Al eerder schreef ik over servicekosten die huurders betalen als zij
met andere bedrijven een pand delen of als zij een winkel hebben in een
winkelcentrum. Blijkbaar zorgen deze servicekosten voor veel ergernis.
De ene keer betreft het de hoogte van de voorschotbetalingen, de andere
volgt er geen jaarlijkse afrekening of pas na vele jaren. Dan weer geeft
de beheerder teveel geld uit over de ruggen van de huurders.
De huurder die servicekosten aan de verhuurder verschuldigd is, tekent
hiervoor in zijn huurcontract. In dat huurcontract staat ook een specificatie
waaraan de huurder moet meebetalen en het voorschot dat hij hierop per
maand of per kwartaal betaalt. Ook moet in dat contract staan dat de verhuurder
per jaar een afrekening zal maken van alle kosten die hij namens de huurders
heeft betaald, minus de ontvangen voorschotten van de huurders. Het teveel
betaalde krijgt de huurder terug, heeft de huurder te weinig betaald,
dan betaalt hij bij. Op het eerste oog lijkt dit een simpele regeling
die kan werken. Maar de praktijk leert anders.
Verhuurders proberen regelmatig kosten bij de servicekosten ten laste
van huurders onder te brengen welke duidelijk ten laste van de eigenaar/verhuurder
behoren te komen. Bijvoorbeeld vervanging van een liftinstallatie, vernieuwing
van de dakbedekking. De servicekosten van ruimten die leeg staan, dus
waarvoor geen huurder de servicekosten betaalt. De oninbare servicekosten
omdat een huurder plotseling vertrekt of gewoon failliet gaat. Onlangs
probeerde een verhuurder van een winkelcentrum nog de promotiekosten van
'zijn' winkelcentrum op zijn huurders te verhalen, zonder dat dit in de
huurcontracten stond en zonder dit van te voren met de winkeliers af te
spreken. Ook moet de verhuurder er goed op letten dat de gebruiks- en
onderhoudskosten van (oude) apparatuur zoals een centrale verwarmingsinstallatie
en liftinstallatie niet te hoog zijn omdat zij dringend toe zijn aan vernieuwing
voor rekening van verhuurder. Verhuurder mag in zo'n geval slechts de
kosten doorberekenen die een efficiënte installatie zou kosten.
|
|
Verhuurder of zijn beheerder rekenen ieder jaar met de huurders af over
de gemaakte kosten en de betaalde voorschotten. Om deconfitures te voorkomen
is het goed om de voorschotten niet te laag vast te stellen, zo dat huurders
zich geconfronteerd zien met hoge nabetalingen. Sommige verhuurders zijn
erg slordig met het jaarlijks opmaken van een afrekening voor de servicekosten.
Ik kom tegen dat men vijf jaar of langer achter is. Ik raad huurders aan
om ondanks het risico dat zij moeten bijbetalen de verhuurder achter zijn
broek te zitten dat hij ieder jaar volgend op het servicekostenseizoen
komt met zo'n afrekening. Behalve als de verhuurder langer dan vijf jaar
na afloop van het servicekostenseizoen nog denkt op een bijbetaling van
de huurder te kunnen vragen. Want dan heeft de verhuurder mooie pech,
na vijf jaar zonder taal of teken is die vordering verjaart. Wellicht
zal dat de verhuurder leren zijn zaken tijdig in orde te maken.
Krijgen huurders dan op tijd een servicekostenafrekening, dan is het heel
normaal dat u de gehele afrekening nakijkt en alle bijbehorende stukken
controleert. Dat heeft niets te maken met wantrouwen, maar alles met gewoon
zakelijk met uw geld omgaan. De beheerder krijgt ook een honorarium in
een percentage over de gemaakte kosten voor de huurders plus btw. Controleer
of dit honorarium van de beheerder niet de spuigaten uitloopt. Bleef de
beheerder in gebreke door te dure opdrachten te geven aan dienstverleners
in het kader van uw bedrijfspand of laat hij reparaties niet op tijd en
niet voldoende uitvoeren, kort dan een bedrag op zijn honorarium. Dat
zal hem leren.
|
|