| |
Vorige week lieten de ministers
Dekker van Vrom en Donner van Justitie weten dat zij iets tegen kraken
gaan ondernemen. Dat zal tijd worden, dacht ik. Maar ik mag het verzuim
op dit terrein van hun voorgangers hen niet verwijten. Maar, ik mag de
Rijksoverheid als instituut ten aanzien van kraken alles verwijten.
Ik weet nog precies dat de President van de Rechtbank in Amsterdam billijkte
dat krakers leegstaande panden bezetten en in gebruik namen, zonder vergoeding
en zonder de bedoeling om daaruit vrijwillig te vertrekken. Tot mijn stomme
verbazing volgde ons hoogste rechtscollege de Hoge Raad deze president
in zijn oordeel. Sindsdien (tachtiger jaren) zijn vele panden gekraakt
door mensen die beweerden dat deze panden te lang leegstonden en zij een
woning nodig hadden. Het oudste recht van eigendom (onroerend goed) en
de vrije beschikking over dat eigendom werden met lompe voeten getreden.
Nergens in de wereld begreep men deze rechtelijke wantoestand die toen
in ons landje bestond en nog bestaat.
Dit toestaan van kraken, is volgens mij de grootste rechterlijke dwaling
in ons landje. Allerlei figuren hebben daarvan misbruik gemaakt. Ook nu
nog kraken dat soort figuren (bedrijfs-) panden die langer dan een jaar
leegstaan. Eigenaren van leegstaande panden moeten zich in allerlei bochten
wringen om te voorkomen dat die panden gekraakt worden. En, dan hebben
we het over panden die leegstaan ten gevolge van een slechtere economische
situatie in dit landje. Dus niet over panden die leegstaan uit speculatieve
opzichten, zoals in de zeventiger jaren.
Uit eigen ervaring kan ik u vertellen hoe opstandig iemand wordt van wie
een pand gekraakt is. Het sterkste staaltje maakte ik mee begin tachtiger
jaren. Een vleeshandelaar bezat een villa, die werd gekraakt.
|
|
Hij was boos, maar kwam achter
de naam en het adres van de ouders van een van de krakende jongeren. Toen ging hij op bezoek bij
die ouders en nam plaats in de zitkamer. Toen zij hij: ‘zo, nu
is deze zitkamer gekraakt en ik ga niet eerder weg voor dat uw zoon en
kornuiten uit mijn villa zijn vertrokken’. Dit middel werkte en
de kraak was binnen enkele uren opgelost.
Toen er echte woningnood was
en er onnodig woonpanden leegstonden uit speculatieve overwegingen, kon
ik me nog iets (weinig!) bij kraken voorstellen. Maar later toen groepen
autonomen (uw regels zijn niet onze regels), die vaak niet eens Nederlander
waren, de kraakwereld overnamen. En, kraakpanden van binnen werden gesloopt
en van buiten werden beklad, heeft de kraakbeweging haar krediet bij
het publiek en bij de overheden verloren.
Terecht zal de Rijksoverheid onder leiding van mevrouw Dekker en de heer
Donner de destijdse misstap van de Hoge Raad terugdraaien. Omdat een pand
voor kortere tijd leegstaat, geeft immers niet iedere onverlaat de mogelijkheid
om zonder toestemming of betaling zo’n pand in gebruik te nemen.
Ieder fatsoenlijk mens kan een ruimte huren, mits de eigenaar daarmee instemt.
Dat geldt dus voor iedere inwoner van dit landje.
Zeker nu een aantal woningen en bedrijfspanden wat langer leegstaan dan
een vijftal jaren geleden, is deze bewindslieden haast geboden, tenminste
om de rechtsorde in ons landje hoog te houden. Als het gedogen van kraken
wegvalt, is het alleen jammer voor al die studenten die zich nu voorzien
van woonruimte door als anti-kraakwachten op leegstaande panden te passen.
Maar, helaas, het recht moet z’n loop hebben. |
|