| |
Huiseigenaren hebben het de laatste
paar jaren niet gemakkelijk. Woningen staan weer langer te koop en de
hoge verkoopprijzen van vijf jaar geleden kunnen ze ook wel vergeten.
Wel staat de hypotheekrente op een historisch laag niveau. Echter, door
tegenstrijdige berichten over de ontwikkeling van de huizenprijzen voelen
huizenkopers zich onzeker en dat uit zich in een aarzelend koopgedrag.
Al jaren schreeuwen financiële en politieke bobo=s dat de koopprijzen
van woningen 20 tot 40 procent te hoog zijn. En journalisten, die niet
door enige kennis worden gehinderd, drukken op voorpagina=s van kranten
af dat de woningmarkt binnenkort zal instorten. Andere media papegaaien
deze berichtgeving na. Zo gaat dat in medialand: goed nieuws is geen nieuws,
slecht nieuws juist wel.
Zowel het Kadaster als de grootste makelaarsvereniging NVM signaleren
bijna geen wijziging in de koopprijzen van woningen en zien zelfs een
kleine stijging ervan in het tweede kwartaal. Wel worden er minder woningen
verkocht, staan woningen wat langer te koop, maar grote prijsdalingen
komen in de statistieken nog niet voor. Ik wil ook niet ver teruggaan
in de tijd. Maar, wist u dat een gemiddelde koopwoning in ons land in
1993 gemiddeld ongeveer 203 duizend gulden kostte. Nu kost diezelfde gemiddelde
koopwoning in ons land gemiddeld ongeveer 203 duizend euro. Dat is zo
slecht nog niet als u de rendementen van andere beleggingen vergelijkt:
een (belastingvrije) waardestijging met een factor van 2,2 in tien jaar.
Al enige tijd pijnig ik mijn hersenen met de vraag wat de doemdenkers
in de financiële en politieke wereldjes bezielt en waarom zij een
betere toegang hebben met hun slecht nieuws dan de brengers van goed nieuws
over de koopwoningmarkt? Is het de opportunistische jacht op de primeur?
Zo van kijk mij eens, ik heb toch maar de ineenstorting van de koopwoningmarkt
voorspeld. Maar dan zou die voorspeller toch niet de enige zijn geweest.
Want de voorspellende doemdenkers buitelen over elkaar heen: de president
van de Nederlandsche Bank, PriceWaterhouse, oud-premier Kok, ING-bank,
The Economist, menige economische faculteit van de bekende universiteiten
en gaat u maar door. Of, overschreeuwen zij wellicht de nog niet gestelde
vraag waarom zij de enige ineenstorting van de koopwoningenmarkt na 1945
niet hebben zien aankomen. Toen najaar 1978 de koopprijzen met een oplopende
hypotheekrente en een afnemende economische groei op hun hoogste punt
kwamen. Om vervolgens gigantisch te dalen en laag te blijven van 1981
tot en met 1986, en in 1981 de hypotheekrente bijna 14 procent bedroeg.
Waar waren toen de financiële en politieke bobo=s en hun media vazallen?
Heeft iemand toen geprobeerd om kopers van woningen te behoeden voor een
prijsval, die velen in de financiële misère stortte? Nee,
men hield hun mond. En, nu overschreeuwt men zich om later enig verwijt
te ontlopen. Nee, dat gaat me te ver. De doemdenkers proberen nu een eigen
woningcrisis te veroorzaken en alweer ten koste van al die particuliere
(meer dan drie miljoen) huiseigenaren.
|
|
Het begint er op te lijken dat
de doemdenkers er naast zitten, blijkbaar weten ze toch niet hoe de woningmarkt
in elkaar zit en functioneert. Alle hoon ten spijt, kan ik toch slechts
constateren dat de cijfers van de NVM aantonen dat de koopprijzen niet
echt instorten. Bij de NVM-gegevens gaat het over circa 60 procent van
de verkochte woningen door het gehele land. Het Kadaster, toch een zeer
objectieve instantie, bevestigt op enkele marginale verschillen na de
cijfers van de NVM. Daarnaast houd ik me ook graag vast aan de cijfers
over de koopwoningmarkt van de grootste gledschieter in de vorm van hypotheekleningen
de Rabobank. Deze bank voorziet ook geen gekke dingen gebeuren met de
prijzen van koopwoningen.
Natuurlijk is er wat gebeurd met de koopprijzen in de heel dure sector:
Aerdenhout, >t Gooi, Wassenaar, de Amsterdamse Grachtengordel en Zuid.
Ik heb daar prijsdalingen in 2003 ten opzichte van 1999 gezien van 20
tot 25 procent. Maar landelijk gezien gaat het dan over zo=n kleine percentage
van alle koopwoningen dat u dat niet terugziet in de statistieken.
Wat mij wel opvalt is dat ik de stabilisatie van de koopprijzen en de
dalingen in de dure sector niet terugzie in de te koop staande nieuwbouwwoningen.
Ik verwacht dat hier binnenkort prijsverlagingen te verwachten zijn. Want
anders wordt er niets verkocht en dat kost de ontwikkelaar veel geld.
Tot slot: ik zie de koopwoningenmarkt voorlopig niet somber in. Maar ik
ga er dan wel van uit dat de doemdenkers het sentiment op deze markt dan
niet verder verpesten en hun waanbeelden over de toekomst onder hun petjes
houden
-einde-
|
|