| |
De bouwproductie van nieuwe woningen
valt tegen. Er komen ieder jaar veel te weinig woningen bij en het ministerie
van VROM heeft al een task force in gesteld om deze productie op te krikken.
De gemeente Amsterdam onderkent dit bouw- tekort ook en heeft een ware
regisseur woningbouw aangesteld met hetzelfde doel. Waar leidt dat nu
toe en is het wel verstandig om nu meer nieuwbouwwoningen op te leveren?
Jongstleden dinsdagavond hoorde ik in de Industrieele Groote Club van
Amsterdam de hoofdstedelijke woningbouw-regisseur Arthur Verdellen spreken.
Verdellen is nu vier maanden aan het werk, dus veel resultaten kan hij
nog niet melden. Maar, Verdellen heeft grote ervaring in en met de gemeente
Amsterdam. Voor deze job heeft hij een aantal jaren de opbrekingen en
opstoppingen bij de auto- en tramwegen van Amsterdam gecoördineerd.
Want zoals u weet bedenkt een gemeentelijke dienst of een ambtenaar zomaar
en ineens dat ergens een werk aan een straat, brug of weg moet beginnen.
Dit zonder enig zicht te (willen) hebben of er binnen een straal van 50
meter nog een straat openligt en er daardoor onaanvaardbare en onnodige
overlast voor anderen ontstaat. Dat loste Verdellen dus in de hoofdstad
met een centraal bestuur en veertien stadsdelen op.
Door een versnippering van het gemeentebestuur en daarom ook van het ambtelijk
apparaat, weten burgers, bedrijven , ontwikkelaars niet meer bij wie ze
moeten aankloppen voor vergunningen of voor gewoonweg informatie. Gemeenten
zijn toch min of meer in zichzelf gekeerde organisaties geworden. Zeker
de grotere gemeenten functioneren welhaast autonoom, ze kunnen bijna alles
zelf regelen, ze vechten ook onderling vele zaken uit. Dat betreft zowel
het bestuur als het ambtelijk apparaat. Een ding dreigen overheden tegenwoordig
snel te vergeten: dat is hun geld. Het is namelijk hun geld helemaal niet,
het is ons belastinggeld dat zij (doeltreffend en rechtmatig) mogen besteden.
Het is natuurlijk van het grootste belang dat burgers, bedrijven en ontwikkelaars
goed de weg weten naar en in een overheidsorgaan. Overheden moeten daarvoor
openstaan, wijd openstaan. Daarvoor zal een cultuurverandering nodig zijn,
overheden moeten als het ware bij aan hun loketten goede routing-borden
aanbrengen.
|
|
Een gemeentelijk regisseur kan
natuurlijk schotten tussen gemeentelijke diensten slechten, stroop uit
gemeentelijke procedures schrapen en wethouders met de koppen tegen elkaar
slaan. Tot een ding zal deze regisseur echter niet in staat zijn. De verkoop
van nieuwwoningen valt zwaar tegen en dat komt voort uit een marktmechanisme
dat niet gevoelig is voor regie maar wel reageert op sentiment.
Heel begrijpelijk dat ontwikkelaars aarzelen om de bouwproductie op te
voeren of met nieuwe projecten te starten. Wie staat er nu te trappelen
om voor leegstand te bouwen? Ik heb het al eerder geschreven: bouwers
moeten zich ook afvragen waarom men de nieuwbouwwoningen niet wil kopen?
De prijzen voor bestaande woningen waren het hoogst in de jaren 1998 en
1999, gedurende het laatste jaar heeft de mindere o.g.-markt deze prijzen
(naar beneden) gecorrigeerd. De v.o.n.-prijzen voor de nieuwwoningen die
nu gebouwd worden, zijn vastgesteld in die hoogtij jaren, maar werden
niet gecorrigeerd zoals die van bestaande woningen. Daarom heerst nu de
ongezonde situatie dat de prijzen van nieuwbouwwoningen hoger zijn dan
die van bestaande woningen, terwijl het andersom moet zijn. Daarop moet
men ook ingrijpen.
Zeker, ik heb vertrouwen in de nieuwe bouwregisseur van de hoofdstad.
Hij moet zich vooral niet beperken in zijn taak, maar zich met zoveel
mogelijk zaken bemoeien. Hoffelijk hoeft hij van mijn niet altijd te blijven,
niet jegens de politiek, niet jegens de ambtenarij, en zeker niet jegens
onwillige of domme ontwikkelaars, bedrijven en burgers. Wel ben ik erg
benieuwd wat zijn eerste resultaten zijn en u kunt altijd bij hem aankloppen
(bwr@bwr,amsterdam.nl). Dus over een jaar hoop ik veel over hem vernomen
te hebben, wat zijn regie heeft opgeleverd.
-einde-
|
|